|
Voordat het Christendom en de Islam geintroduceerd werden praktiseerden de Oromo mensen hun eigen godsdienst. Zij geloofden in een WAAQYAOO, dat ongeveer hetzelfde is als God. Ze aanbaden nooit valse goden of beelden. De Waaqa, dat de afkorting is voor Waaqyaoo is een god voor iedereen, de schepper van alles, de bron van het leven, alomaanwezig, oneindig, onbegrijpelijk, hij kan alles doen en ongedaan maken, hij is puur, tolereert geen onrechtvaardigheid, geen misdaad, geen zonde en geen valsheid. Er zijn bij het Oromo volk ook veel heiligen, of heilige godheden, en die worden AYYAANA genoemd, maar het zijn allemaal manifestaties van de ene WAAQA oftewel van een en dezelfde goddelijke werkelijkheid. Een effectieve relatie tussen deze AYYAANA en de Oromo mensen wordt onderhouden door QAALLU, mannelijk en of QAALITTI, vrouwelijk. Een QAALLU is net zo iets als een bisschop in de christelijke wereld en een IMAM in de Moslim wereld. Hij is een religieuze en rituele expert met een speciale relatie met een van de AYYAANA, die bij tijd en wijle ook bezit van hem neemt.
De functie van QAALLU is erfelijk maar staat tegelijkertijd open voor iedereen die voldoende bewijs kan leveren voor het hebben van een direct persoonlijk contact met een AYYAANA. Het lijkt erop dat de God, of WAAQA erg overeenkomt met de ORODUMALE (CHECK WOORD) van de YORUBA, en de AYYAANA erg met de orisha, of 401 tussengoden, die ook bij Winti en Voodoo voorkomen, en die de geest van een mens kunnen bezitten. In de OROMO gemeenschap wordt een QAALLU of priester gezien als de meest seniore persoon van zijn lijn en clan en hij krijgt het hoogste respect van iedereen. Hij wordt als puur en rein gezien. Hij dient een aantal traditionele taboes en rituele praktijken in acht te nemen en moet de waarheid volgen en zonde vermijden. Het instituut van de QAALLU is een van de meest belangrijke in de OROMO cultuur en men denkt dat het sinds mythische tijden bestond. Het is een heel belangrijke bewaarder van de Oromo cultuur. Het QAALLU instituut is ook in politiek opzicht van belang, zelfs al beschikt de Qaallu zelf niet over politieke macht als zodanig en wordt godsdienst afzonderlijk van politiek gezien. Het QAALLU dorp is het spirituele centrum. waar politieke debatten worden georganiseerd voor de politieke kandidaten. Dus speelt de QAALLU zowel een spirituele als politieke rol in dit systeem. Tijdens het 5e zittingsjaar van een politiek figuur bijvoorbeeld, eert de politiek de QAALLU met geschenken en beloften vol respect en eerbied. De QAALLU, de priester, organiseert ook de verkiezingen en houdt er toezicht op. Ooit was het instituut van de QAALLU een opbergplaats vol belangrijke ceremoniele artikelen of collectieve symbolen, zoals de scepter, de nationale vlag, enzovoorts. De nationale vlag bestaat uit de kleuren van de turban van de QAALLU, en had drie kleuren: zwart aan de bovenkant, rood in het centrum en wit aan de onderkant. Deze drie kleuren symboliseerden degenen die nog actief in het leven moesten komen, diegenen die al actief waren, en diegenen die al actief geweest waren. Het gebruik van deze symbolen werd door de koloniale overheersers destijds verboden. De Priester van de Oromo, deze QAALLU, moet niet verward worden met wat de AMHARA QAALLICHA heet, die een heel andere en veel lagere status heeft. Hij is namelijk een vagebond die zwarte magie gebruikt voor zijn eigen doeleinden. De plek van verering van de QAALLU heet een GALMA, Elke AYYAANA, of tussengod, heeft zijn eigen huis van verering, zijn eigen GALMA dus, met zijn eigen speciale ceremonieen. Meestal bevindt de GALMA zich boven aan een heuvel, of in een open stuk bij grote bomen. Veel van deze plekken worden nu gebruikt door orthodoxe kerken of moskeen. Omdat de Oromo deze plekken vaak bij water of bomen hadden dachten mensen vroeger dat de Oromo bomen en rivieren aanbaden. Alsof dat trouwens zo erg is. Een beetje meer respect voor deze uitdrukkingen van moeder aarde zou niemand van ons misstaan. OROMO gelovigen bezoeken een Galma meestal eens of twee keer per week, meestal op donderdag- en zaterdag avonden. Op zo'n moment dansen en zingen de volgelingen, en gebruiken de trom om een ritueel te volvoeren dat DALAGA heet zodat men in een staat van extase kan komen, die vaak eindigt in bezetenheid. Opnieuw iets in een taal, nu Ethiopisch, dat we bij alle traditionele religien van Afrika al tegenkwamen tot nu toe! Op het hoogtepunt van bezetenheid begint de AYYAANA door de mond van de QAALLU of priester te spreken. en kunnen antwoorden op gebeden gehoord worden of wordt de toekomst voorspeld. Religieuze Oromo mensen maken vaak pelgrimages naar sommige van de grotere QAALLU centra. Zo'n pelgrimage is heel heilig en de pelgrims wandelen naar de plaats met een stock in een hand en dragen myrre in de andere hand. (Dus nu weten we waar een van de drie koningen, namelijk degene die met mirre aan kwam zetten, vandaan kwam!) Als de mensen door een dorpje komen moeten alle Oromo mensen die daar wonen gastvrijheid verlenen aan de pelgrims. Ten tijde van het kolonialisme werd het QAALLU instituut verzwakt, en verminderde het contact tussen de verschillende Oromo groepen. Pelgrimages werden verboden en het werd de gewoonte om de culturele instituten en waarden van de Oromo mensen te ontmoedigen en te vernietigen. Op dit moment ziet het er naar uit dat Oromo helemaal verdwijnt, de orthodox christelijke kerk heeft de meeste heilige plaatsen in beslag genomen. Sommige rituelen zijn zelfs illegaal geworden. De Oromo mensen geloven dat individuen na hun dood voortbestaan in de vorm van een geest die ze de EKERAA noemen. Ze geloven niet in enige vorm van lijden na e dood zoals het Christendom en de Islam dat doet. Als iemand een zonde begaat wordt hij tijdens het leven bestraft. Men gelooft dat de EKERAA in de buurt blijft van de plaats waar de persoon woonde op aarde. Iemand is verplicht om te bidden en te offeren door zo nu en dan een dier te slachten voor de EKERAA van de ouders. De offers vinden plaats bij het familiekerkhof of het kerkhof van de clan in het dorpje. Oromo mensen zijn altijd in contact geweest met andere religies zoals de Islam en het Christendom. Maar ze gaven altijd de voorkeur aan hun eigen religie en boden lange tijd weerstand aan de andere twee. Vandaag de dag echter zijn de meeste Oromo mensen volgelingen van de Islam en het Christendom, terwijl er nog slechts een paar mensen over zijn die het oorspronkelijke Oromo geloof beoefenen. Men zegt dat de Islam enorme aanhang kon krijgen als reactie op de kolonisatie van Ethiopie. De Oromo accepteerden de Islam en het niet-orthodoxe Christendom en masse omdat ze het Abessinische orthodoxe christendom met de onderdrukker vereenzelvigden. Een soortgelijke situatie ontstond in het westen ook door dat veel Afro-Amerikanen in de 50er en 60er jaren de islam accepteerden als een reactie op de rassendiscriminatie en onderdrukken die ze van de blanke gemeenschap ervoeren en tegelijkertijd op zoek naar een identiteit die anders was dan hun onderdrukker. Er zijn ook veel Oromo mensen die zowel volgelingen zijn van de Islam of van het Christendom maar ook hun oorspronkelijke Oromo geloof nog beoefenen. Toen de Oromo Christenen of Moslims werden, veranderde er niet zo veel in de traditionele wijze waarop de Oromos het goddelijke ervoeren. Maar veel van de rituele heilige plekken worden nu ingenomen door de orthodoxe christelijke kerk, dus of er veel van over blijft is zeer de vraag. |